Bekkeninstabiliteit

Inhoud

Inleiding

Wat is bekkeninstabiliteit

Het ontstaan van bekkeninstabiliteit

Behandeling van bekkeninstabiliteit

Dagelijkse activiteiten

Adviezen bij de bevalling

Belangrijke adressen

Heeft u vragen

Inleiding

Deze brochure wordt u aangeboden om u te informeren over bekkeninstabiliteit. Bekkeninstabiliteit kan veel verschillende lichamelijke klachten geven. Alleen een arts of een fysiotherapeut met speciale interesse in dit vakgebied kan beoordelen of bepaalde lichamelijke klachten het gevolg zijn van deze aandoening.

De aandoening bekkeninstabiliteit bestaat al lang, maar heeft pas sinds 1991 een naam gekregen. Bekkeninstabiliteit wordt ook wel bekkenpijnsyndroom genoemd. Bekkeninstabiliteit komt vaker voor bij vrouwen, het ontstaat meestal tijdens de zwangerschap of bevalling.

In ziekenhuis de Heel is een team van deskundigen gespecialiseerd op het gebied van bekkeninstabiliteit. Het team bestaat uit gynaecologen, orthopeden, revalidatieartsen, fysiotherapeuten en ergotherapeuten. Deze samenwerking is van groot belang om u ais patiënt zo goed mogelijk te begeleiden en uw herstel te bevorderen. In het team is al veel ervaring opgedaan en kennis verzameld. De fysiotherapeuten van het team werken nauw samen met de fysiotherapeuten in de diverse praktijken in de Zaanstreek.

Wat is bekkeninstabiliteit

Om te kunnen verklaren wat bekkeninstabiliteit is, is het nodig eerst aandacht te besteden aan de opbouw van het bekken. Het bekken vormt de verbinding tussen de romp en de beide benen. Het gewicht van de romp rust als het ware op het bekken. Daarnaast wordt vanuit het bekken het bewegen van de benen mogelijk gemaakt.

De heupgewrichten zijn een belangrijk onderdeel van het bekken. Naast de heupgewrichten zijn in het bekken nog een aantal minder opvallende gewrichten aanwezig. Dit zijn de symfyse, de sacroiliacale gewrichten, en het promontorium. Op de tekening kunt u zien waar deze gewrichten zich bevinden. Het zijn plaatsen in het bekken waar losse botstukken door middel van banden en spieren met elkaar zijn verbonden. De banden bestaan uit zeer stug materiaal dat beperkt elastisch is. De spieren hebben een aanhechting aan de botten en zorgen er samen met de banden voor dat de ver- schillende botdelen goed op hun plaats blijven.

Het bekken
1. dijbeen
2. de symfyse, de verbinding tussen de schaambeenderen
3. heupgewricht
4. het promontorium, de overgang tussen de ruggewervels en het bekken
5. sacro-iliacaalgewricht

Bekkeninstabiliteit
Bij bekkeninstabiliteit versoepelen de banden in het bekken. De verschillende botonderdelen krijgen hierdoor een grotere beweeglijkheid ten opzichte van elkaar. Dit kan pijn veroorzaken. Pijn kan ontstaan door de rek die in de banden ontstaat. Ook kan pijn ontstaan door een overbelasting van de rugspieren, de bilspieren en de binnendijspieren. Het bekneld raken van een zenuw kan ook een oorzaak zijn van pijn.

Het ontstaan van bekkeninstabiliteit

Tijdens de zwangerschap
Tijdens de geboorte van een kind moet het bekken enigszins ver- vormbaar zijn om de baby te laten passeren. Dit verweken van het bekken vindt tijdens elke zwangerschap plaats onder invloed van zwangerschapshormonen. Het is een natuurlijk proces en levert voor de stabiliteit van het bekken meestal geen problemen op. De spieren van het bekken zorgen dat het versoepelen geen problemen geeft. Als deze spieren niet krachtig genoeg zijn ontstaat bekkeninstabiliteit.

Tijdens de bevalling
Tijdens een bevalling kan schade ontstaan aan de banden en spie- ren van het bekken. Bijvoorbeeld bij de geboorte van een groot kind bij een vrouw met een relatief smal bekken. Ook tijdens een kunstverlossing kan schade aan het bekken ontstaan met als ge- volg bekkeninstabiliteit. Een combinatie van verweking van het bekken én een zware bevalling kan ook een oorzaak van deze aandoening zijn.

Ongeval / sportblessure
Het bekken kan beschadigen als er tijdens een ongeluk of sporten grote kracht op wordt uitgeoefend. De pijnklachten die dan ontstaan kunnen het gevolg zijn van bekkeninstabiliteit. De aandoening komt dus ook bij mannen voor.

Klachten
De volgende klachten kunnen optreden:
- een moe gevoel of pijn rond het schaambeen, de symfyse;
- pijn tijdens of na beweging van het bekken bijvoorbeeld na het lopen, traplopers, fietsen, autorijden, in en uit bed stappen en om draaien in bed;
- startpijn: pijn die optreedt aan het begin van een handeling, bij- voorbeeld tijdens het opstaan;
- waggelend lopen: het lichaam helt tijdens het lopen steeds over naar het been waar het gewicht op rust;
- pijn na het vrijen;
- pijn in de onderrug. Pijn die vanuit de onderrug uitstraalt tot aan de knie. Krachtverlies en / of gevoelloosheid in een been;
- incontinentie van urine: de plas niet op kunnen houden;
- pijn die toeneemt in het begin van de menstruatie, bij een volle blaas en bij het ophouden van de ontlasting.

Herstelmogelijkheden
Bekkeninstabiliteit kan weinig ernstig zijn of zeer ernstig, beperkt of zeer uitgebreid. Het is dan ook moeilijk om in het algemeen een uitspraak te doen over de herstelmogelijkheden. Uw arts en de fysiotherapeut bespreken met u welke mogelijkheden tot herstel er in uw persoonlijke situatie zijn.
Bij een lichte vorm van bekkeninstabiliteit, ontstaan tijdens de zwangerschap, kunnen de klachten binnen drie maanden na de bevalling verdwijnen. Bij een meer ernstige vorm van bekkeninstabiliteit na de zwangerschap kan dit wel een jaar duren. Het kan ook zijn dat klachten en beperkingen in het bewegen blijven bestaan.
 

Behandeling van bekkeninstabiliteit

De pijn bij bekkeninstabiliteit is een signaal. Het is een teken dat de banden en spieren (nog) niet stevig genoeg zijn om bepaalde activiteiten uit te voeren. De behandeling van bekkeninstabiliteit bestaat dan ook in hoofdzaak uit het trainen van de spieren en de banden. Als de spieren en banden steviger worden zal de pijn ver- minderen. Het is belangrijk een goede balans te vinden tussen vol- doende training en voldoende rust. Uw fysiotherapeut adviseert hoe dit evenwicht te vinden.
Vóór de bevalling zal het accent meer liggen op het adviseren van hulpmiddelen om de zwangerschap zo plezierig mogelijk uit te dragen.

Het trainen van de spieren van het bekken
De fysiotherapeut leert u welke oefeningen u dagelijks kunt doen. De oefeningen zijn eerst eenvoudig en licht. Na verloop van tijd worden de oefeningen zwaarder.
Het is de bedoeling dat u weer zoveel kracht in de banden en spie- ren opbouwt, dat u weer zonder pijn kunt fietsen, rennen en tillen. De fysiotherapeut geeft u individuele instructie en daarnaast is training in groepsverband ook mogelijk. Het trainen in groepsverband is vaak zeer stimulerend.

Omgaan met pijn
De pijn ten gevolge van bekkeninstabiliteit kan verminderen door:
-het trainen van de spieren en banden zoals hierboven beschreven,
-het nemen van voldoende rust, het leren omgaan met de pijn,
-het ondersteunen van het bekken met behulp van een zogenaamde bekkenband,
-het aanpassen van de leefstijl waardoor het bekken minder wordt belast en er dus minder pijn optreedt.

Bij bekkeninstabiliteit onderscheiden we twee vormen van pijn. Pijn die direct optreedt, tijdens het bewegen, noemen we vroege pijn. De pijn verdwijnt in rust weer snel, binnen 10 minuten. U doet er verstandig aan deze pijn te voorkomen en eerder rust te nemen.
Het is lastig dat de pijn optreedt maar er treedt geen schade op aan de banden in het bekken.

Pijn die een paar uur na zware belasting of langdurige actie op- treedt en die daarna lange tijd blijft noemen we late pijn. Er is dan een lichte beschadiging van het weefsel opgetreden. Als de pijn na een goede nachtrust is verdwenen kunt u weer gewoon doorgaan met uw dagelijkse activiteiten. Blijft de pijn nog aanwezig, neem
dan nog meer rust totdat de pijn is verdwenen. Als er bij u sprake is van late pijn ga dan na wat u heeft gedaan. Bedenk na welke activiteiten de pijn is ontstaan. Probeer deze late pijn zo veel mogelijk te voorkomen. Vraag zonodig hulp en doe bepaalde activiteiten voorlopig niet meer.
Als u rust, doe dit dan altijd in een voor u pijnvrije houding, liggend of zittend. Als rusten in zijligging uw voorkeur heeft, ondersteun het bovenste been dan met een kussen tussen de benen. Wees er alert op dat u tijdens het zitten het gewicht altijd over de beide billen en bovenbenen verdeelt.

Het ondersteunen van het bekken met een bekkenband
Een bekkenband, aangebracht om het bekken, geeft ondersteuning en voorkomt dat er beweging optreedt in het bekken. Hierdoor kan pijn verminderen. Een bekkenband kan, bij goed gebruik, de functie van de banden van het bekken overnemen. U kunt een bekkenband in principe de gehele dag dragen. Er zijn verschillende modellen, ook voor gebruik tijdens de zwangerschap en de bevalling. De kosten van de band worden in de regel niet vergoed door de verzekering.

Dagelijkse activiteiten

In bed
Bij het verplaatsen in bed en het op de po gaan tijdens een bedrustperiode, mag het bekken opgeheven worden. Indien dit door de pijn onmogelijk is moet u hulp vragen. Het draaien in bed gaat vaak beter als u de spieren van buik en billen aanspant en eventueel een kussentje tussen de knieën klemt.

Bij het gaan zitten vanuit een liggende houding duwt u zich met de armen achter de rug omhoog. Als u vanuit een liggende houding uit bed wilt gaan kunt u het beste eerst op de zij gaan liggen en de benen buigen. Vervolgens laat u de benen uit het bed glijden en gaat u in één beweging rechtop zitten. Zorg er voor dat uw bed niet te laag is, maak eventueel gebruik van klossen om uw bed te verhogen. Deze klossen zijn verkrijgbaar bij Thuiszorg Zaanstreek Waterland. Het telefoonnummer van de Thuiszorg staat in deze brochure vermeld.

Opstaan
Zet bij het gaan staan uw armen op de stoel naast het lichaam. Zet de beide voeten stevig naast elkaar en span de bekkenbodemspieren en de bilspieren aan. Breng het gewicht goed naar voren en sta in een beweging op. Kies altijd een hoge stoel om op te zitten, dit vereenvoudigt het opstaan.

Aankleden
Kleedt en verzorgt u zichzelf zoveel mogelijk zittend

Lopen
Het is goed toe te geven aan uw gevoel dat langzaam lopen met kleine passen beter gaat. Span de spieren van uw buik, billen en bekkenbodem tijdens het lopen aan. Het bekken stabiliseert hierdoor. Maak eventueel gebruik van loophulpmiddelen zoals bijvoorbeeld een looprekje of elleboogkrukken. Overleg met de fysiotherapeut hoe u deze hulpmiddelen het beste kunt gebruiken.
 

Traplopen
Traplopen is zeer belastend voor het bekken. Het is belastend om- dat bij elke traptrede het gehele gewicht kortdurend op één kant van het bekken rust. Dit geeft extra rek aan de banden. Beperk het traplopers dus tot het hoogst noodzakelijke. Maak gebruik van de armleuningen van de trap en gebruik uw armen goed als steun.

Tillen en dragen
Probeer tillen en dragen tot het minimum te beperken.
Als u toch moet tillen houdt u dan aan de volgende gulden regels:
-ga recht voor het te tillen voorwerp staan;
-span de spieren van de bekkenbodem, buik en billen aan en stabiliseer hierdoor het bekken;
-houd de rug recht tijdens het tillen;
-gebruik de spieren van de benen bij het tillen, buig de knieën;
-draag het voorwerp zo dicht mogelijk tegen het lichaam.

Adviezen bij de bevalling

Voor vrouwen die tijdens de zwangerschap klachten krijgen ten gevolge van bekkeninstabiliteit volgt hierna een aantal adviezen voor tijdens de bevalling.
Het is goed dat u zich realiseert dat tijdens de bevalling druk wordt uitgeoefend op het bekken en dus op de bekkenbanden. Er kan dus schade ontstaan tijdens de bevalling. U kunt zelf de schade zo veel mogelijk beperken door een goede voorbereiding op de bevalling. Daarnaast is het van belang dat u met de verloskundige of de gynaecoloog de verschillende fasen van de bevalling van tevoren doorspreekt.

De ontsluitingsperiode
Probeer bij het opvangen van de weeën steeds een stabiele houding voor uw bekken te vinden. De pijn van de weeën kan soms de bekkenpijn overheersen. Blijft u zich toch bewust van de stand van het bekken en houdt het bekken in een stand die verstandig is. Hiermee wordt bedoeld een houding waarin beide kanten van het bekken gelijkmatig worden belast. Spreidt de benen niet te ver en houdt de onderrug niet te bol en niet te hol.

Als u veel pijn heeft in de onderrug of rond de symfyse, maak dan gebruik van de bekkenband. Het kan ook prettig zijn als iemand die bij de bevalling aanwezig is achter u gaat staan en uw bekken met beide handen steunt.

Uitdrijvingsperiode
Juist omdat het bekken extra soepel is, kan de bevalling vlot verlopen. Probeer vertrouwen te hebben in uw lichaam. Goede ontspanning en perstechniek zijn nu erg belangrijk. Blijf ook tijdens herpersen u voortdurend bewust van de stand van het bekken.
Zorg er voor dat het bekken gelijkmatig wordt belast. U kunt in principe bevallen op de rugliggend, halfzittend of eventueel op de baarstoel. Afhankelijk van de snelheid van de uitdrijving en de toestand van het kind, zal de arts of verloskundige daarin sturend optreden.
In het algemeen is het verstandig zo lang mogelijk te vermijden dat de benen ver gespreid zijn of hoog opgetrokken worden. Een kussentje in de rug kan ondersteuning geven.

Na de bevalling
Doe na de bevalling rustig aan en blijf uit voorzorg alle houdingsadviezen die u tijdens de zwangerschap kreeg opvolgen. Neem bij heftige pijn een aantal dagen bedrust totdat staan en lopen geen late pijn meer geven. De beste houding voor het bekken is zijligging met een kussen tussen de benen. Probeer in ieder geval een pijnvrije houding te vinden, met ondersteuning van kussens.
Draag, ook uit voorzorg, een bekkenband. Als de bevalling in het ziekenhuis plaats heeft gevonden schakelt de arts een fysiotherapeut in die deskundig is op het gebied van bekkeninstabiliteit. Deze geeft u een persoonlijk advies.
Het is belangrijk dat er voldoende hulp in de huishouding is geregeld. In de eerste dagen na de bevalling kunt u op geleide van de pijn de activiteiten uitbreiden. Vooruitgang betekent dat u steeds meer activiteiten kunt ondernemen terwijl de pijn niet toeneemt.
Als er geen verbetering optreedt of er sprake is van een verergering van de klachten in het bekken, raadpleeg dan opnieuw de verloskundige, de gynaecoloog, de huisarts of de fysiotherapeut van het team. U kunt ook een beroep doen op een gespecialiseerde fysiotherapeut bij u in de buurt.
In het algemeen kan ongeveer 6 weken na de bevalling worden gestart met het trainen van de banden en de spieren. De zwangerschapshormonen zijn dan afwezig en de banden en de spieren kunnen weer meer worden belast.

Belangrijke adressen

Thuiszorg Zaanstreek Waterland
Bij Thuiszorg Zaanstreek Waterland kunt u hulpmiddelen lenen als bijvoorbeeld klossen om het bed te verhogen. Ook kunt u een aanvraag doen voor hulp bij de verzorging door de wijkverpleegkundige of hulp in de huishouding. Om van het aanbod van de Thuiszorg gebruik te kunnen maken is het nodig om lid te zijn of te worden.

Thuiszorg Zaanstreek Waterland is 24 uur per dag bereikbaar via telefoonnummer: 0900 - 8806

Stichting voor bekkenproblemen in Relatie tot Symfysiolyse
Patiënten met bekkeninstabiliteit hebben een vereniging opgericht. Via deze vereniging kunt u in contact komen met lotgenoten. Ook is er bij de vereniging voorlichtingsmateriaal verkrijgbaar. U kunt de vereniging als volgt bereiken:

Stichting voor bekkenproblemen in relatie tot symfysiolyse Postbus 38
6611 AA Overasselt
Telefoon: 024 - 622 13 52 of 070 - 363 67 89

Heeft u vragen

Indien u vragen heeft of meer wilt weten over de werkwijze van het team bekkeninstabiliteit in ziekenhuis de Heel kunt u contact opnemen met het secretariaat van de afdeling fysiotherapie,
telefoonnummer: 075 - 6502 238
Voor een behandeling door een van de leden van het team bekken- instabiliteit heeft u een verwijskaart van de huisarts nodig.