Bacteria zijn een grote diverse groep van organismen (een biologisch rijk) die in de
spreektaal gewoonlijk bacteriën genoemd worden. Sinds Anthonie van Leeuwenhoek in de zeventiende eeuw bacteriën ontdekte is het besef dat bacteriën een grote invloed hebben op mens en milieu
gegroeid. Door hun kleine afmetingen zijn bacteriën pas bekend sinds de ontwikkeling van microscopen die sterk vergroten. De uitvinder(s) van de eerste microscopen zijn ongetwijfeld geschrokken toen het microscopisch leven zichtbaar werd, o.a in drinkwater, voedingsmiddelen en op het menselijk lichaam.
Toch niet helemaal terecht, want de meesten zijn nuttig, slechts sommige soorten zijn
schadelijk voor de mens.
Het is duidelijk geworden dat de celvorm geen goed kenmerk is om deze organismen van elkaar te onderscheiden. Bacteriën die overeenkomen in vorm kunnen
wat betreft chemische samenstelling erg verschillen.
Tegenwoordig gebruikt men daarom verchillende eigenschappen om bacteriën te onderscheiden. Zulke eigenschappen zijn:
- Celstructuren en celbouw
- Biochemische eigenschappen zoals DNA en eiwitten
- Fysiologische eigenschappen zoals stofwisselingseigenschappen
Binnen de Prokaryote organismen worden twee grote groepen van elkaar onderscheiden: de Archaea en
de Bacteria. De Archaea zijn eencellige organismen die onder extreme omstandigheden
kunnen leven, op plaatsen zonder zuurstof, licht en waar hoge druk en
extreme temperatuur is. Zulke organismen zijn een aantal jaar geleden gevonden
bij actieve vulkanische processen op de bodem van de oceaan en in zwavelbronnen, etc.
In rotsformaties in Australië zijn fossiele organismen gevonden die lijken op Archaea en een
gedateerde ouderdom hebben van 3,5 miljard jaar. Wetenschappers denken dat de Archaea de oudst bekende vorm van het leven vertegenwoordigd.
Drie en een half miljard jaar geleden waren de omstandigheden op aarde ook extreem te noemen: met weinig
zuurstof, weinig licht, afwijkende temperaturen en allerlei vulkanische
activiteit. Vanwaar betekent prokaryoot vóór -kernige cel? Wetenschappers denken dat twee prokaryote organismen gingen samenleven (=in symbiose, zie het plaatje hierboven), de ene levend binnen de cel van de ander. Uit deze symbiose ontstond de eukaryote cel.
Spontane generatie
Tot de achttiende eeuw dachten
sommige wetenschappers dat micro organismen spontaan ontstonden bij
afbraakprocessen van organische stoffen. Dit wordt de theorie van de spontane
generatie genoemd. Louis Pasteur ontdekte in de achttiende eeuw dat de theorie van spontane generatie
niet klopt. Louis Pasteur toonde in zijn proef aan dat stoffen niet afgebroken
worden als er geen besmetting met micro organismen plaatsvindt. Als er wel besmetting optreedt dan vindt er snelle afbraak plaats. Micro
organismen ontstaan dus niet spontaan bij afbraakprocessen, maar versnellen de
afbraak van stoffen.
Door rekening te houden met aanwezigheid van bacteriën kan besmetting voorkomen worden en kunnen bepaalde ziekten beter begrepen worden.
Louis Pasteur kon met zijn kennis methoden ontwikkelen om micro organismen onder gecontroleerde omstandigheden te kweken, maar ook om ze te
doden (steriel maken).
Het steriliseren wordt nog steeds toegepast bij het verlengen van de
houdbaarheid van levensmiddelen en bij het verminderen van infectie door schadelijke bacteriën.
Bacteriën worden gekweekt en gebruikt onder andere in de chemische industrie, in de medische wetenschap en in de landbouw.
In de medische wetenschap is er een grote belangstelling voor micro organismen. Ziekten als cholera, nekkramp, etc worden
door bacteriën veroorzaakt. Deze ziekten kunnen bestreden worden door besmetting
te voorkomen en door de bacteriegroei bij infectie af te remmen.
Erfelijkheid
Ten tijde van de theorie van spontane regeneratie was er niets bekend over het
erfelijke materiaal. De erfelijke mechanismen bij bacteriën zijn inmiddels bekend. Bacteriën hebben een kluwen DNA in de cel als erfelijk materiaal.
Het bacteriëel DNA vormt een cirkel en niet een “dubbele helix” zoals bij de
chromosomen van planten en zoogdieren.
- Bacteriën vermenigvuldigen zich in het algemeen door celdeling
Dit heet aseksuele voortplanting. In korte tijd kan één enkele bacterie cel bij voldoende voedsel toenemen tot een kolonie van miljoenen cellen.
Bij een celdeling dupliceert het DNA zich waarna een cel ontstaat met twee identieke cirkelvormige DNA moleculen. Nadat
het DNA is vermenigvuldigd binnen de celwand en er treedt celdeling op waarbij twee dochtercellen ontstaan met ieder een identiek DNA molecuul.
Als er twee cellen zijn ontstaan, dan worden in de
cellen eiwitten en celmembraan geproduceerd en de cellen groeien. Na de groei
kunnen deze cellen zich ook weer delen.
- Bacteriën kunnen in bijzondere omstandigheden seksueel voortplanten.
Twee cellen maken daarbij contact. Vanuit de ene cel ontstaat een brugvormige uitstulping van de celwand. Deze brug dringt
de ander cel binnen, waarna er DNA materiaal overgedragen wordt.
Door een ingewikkeld mechanisme, wordt dit “vreemde” DNA in het cirkelvormige “eigen” DNA
ingebouwd. Dit noemt men conjugatie; Het ingebouwde stuk DNA leidt ertoe dat de
bacterie nieuwe genen bezit en mogelijk nieuwe eiwitten kan produceren.
Seksuele voortplanting heeft voordelen in slechte omstandigheden. Doordat genetische
eigenschappen met elkaar combineren kunnen dan snel aanpassingen ontstaan aan de
slechte omstandigheden.
Door de kennis die de wetenschap heeft verzameld over
dit DNA overdrachtsmechanisme, is het mogelijk om bepaalde DNA fragmenten in een
bacteriecel in te brengen. De bacteriecel kan, na inbouwen van "vreemd" DNA, eiwitten produceren die als antibiotica dienen.
Afbraak door bacteriën Bacteriën hebben stoffen nodig
om te leven en zich te vermeerderen. Door het grote aantal waarmee ze voorkomen in het milieu spelen ze een
belangrijke rol in de stofkringloop.
In het milieu zetten bacteriën stikstof, sulfaat, stikstof, ijzer en zeer veel andere stoffen in de grond om. Zoals bij
de sanering van vervuilde grond met zware metalen. Door bacteriëel metabolisme
worden de metalen in chemische verbindingen vastgelegd en onschadelijk gemaakt.
Bacteriën groeien soms op stoffen die mensen als voedsel gebruiken. Mensen die voedsel verkopen, moeten zich
bewust zijn van de gevaren van aanwezige microorganismen.
Als je het voedsel onder een microscoop bekijkt dan wordt duidelijk dat er
talloze micro organismen op groeien. De aanwezige bacteriën delen zich, zodat er zichtbare bacterie kolonies
groeien.Voedsel dat te lang blijft staan, bederft, behalve als er geen bacteriën op zitten.
De Nederlandse regering controleert restaurants op
bacteriële infecties in consumptie artikelen, omdat bepaalde bacteriën
schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid. Dit wordt gedaan door de
keuringsdienst van waren (www.keuringsdienstvanwaren.nl).
Deze dienst neemt voedselmonsters. Het monster wordt in het laboratorium in een kweekbakje met
voedingsbodem gebracht. Dit kweekbakje is steriel, er zit voeding in wordt bij
een geschikte temperatuur en luchtvochtigheid gehouden.
Van de kolonies die op deze manier gekweekt zijn wordt bepaald welke soorten gevonden zijn. De
aanwezigheid van slechts enkele bacteriecellen kan zo aangetoond worden.
|
Vragen
- Speel voor Louis Pasteur en verzin een proef waarmee je aantoont dat
micro organismen niet door spontane generatie ontstaan.
- verzin eerst een hypothese !
- bedenk een opstelling waarmee je de hypothese toetsen kunt.
- bedenk een opstelling waarmee je de hypothese toetsen kunt
- Hoe kan seksuele voortplanting bij bacteriën een voordeel opleveren bij
slechte omstandigheden? Denk aan het erfelijk materiaal van de bacteriën !
- Noem een paar ziekten die door bacteriën worden veroorzaakt (en niet
door een virus of andere micro organismen).
- Een cholera bacterie deelt zich 1x per 20 minuten. Hoeveel heb je er dan na 1 etmaal?
- Wat zou je nog meer willen weten over bacteriën?
| |