De woorden genetische manipulatie zorgen keer op keer
voor een hoop onrust in onze samenleving. Mensen zijn
ongerust over wat de gevolgen zijn van genetisch
gemanipuleerde gewassen en dieren. Hebben deze nieuwe
organismen gevolgen voor de stabiliteit van onze natuur?
Kunnen wij bijvoorbeeld in de toekomst problemen krijgen
doordat er plagen zullen gaan ontstaan, omdat wij het
evenwicht van het biosysteem verstoren? Zullen bepaalde
diersoorten worden bedreigd doordat het gemanipuleerde dier
het voedsel van het bedreigde dier sneller kan eten? verder
maken mensen zich zorgen over de grens die zal worden
getrokken tussen wat nog mag en wat niet. Is het
waarschijnlijk dat de mens, in de toekomst gemanipuleerd
wordt? En zo ja wat zullen de gevolgen hiervan zijn? Mensen
hebben allemaal wel een oordeel als het om genetische
manipulatie gaat. Maar eigenlijk hebben maar weinig mensen
een idee over wat genetische manipulatie nu eigenlijk is en
hoe het nu eigenlijk in zijn werk gaat. Deze informatie is
dus van belang om tot een goede meningsvorming te kunnen
komen over genetische manipulatie en om de bijbehorende
risico's te kunnen schatten. In de celkern bevinden zich chromosomen. Chromosomen zijn
opgebouwd uit onder andere 4 basen: adenine (A), thynine
(T), guanine (G) en cytosine (C). Deze base zijn aan
eiwitketens gebonden. De bouwtekening van zo'n chromosoom
(het DNA) bepaalt hoe je er uit ziet en wie je bent. Zo'n
bouwtekening krijg je voor een deel van je vader en een deel
van je moeder. Een chromosoom bestaan uit 2 delen (twee chromatide) elke
helft heb je van een ouder. Een mens bestaan uit 23
chromosomen (dus uit 46 chromatide). Elk chromosoom bestaat uit nog kleinere deeltjes "genen".
Een gen bevat slechts één eigenschap
(bijvoorbeeld de kleur van mijn ogen). Het interessante van genen is, dat de genen van een koe,
een bosbes of een mens, allemaal uit dezelfde soort
moleculen bestaan met verschillende basen. Het verschil zit
hem alleen in de volgorde van de basen. Hierdoor kan men een
gen van bijvoorbeeld een koe knippen, een stukje
verwijderen. Op de plaats van het verwijderde stukje kan,
een stukje gen van bijvoorbeeld een schaap geplaats worden.
Dit verwisselen van stukjes genen wordt genetische
manipulatie genoemd. Om genetische manipulatie op de juiste
manier te laten plaats vinden zijn bepaalde technieken
nodig. Men begint met het lezen van de genetische kaart van de
koe en het schaap. Een genetische kaart, bevat informatie,
over de plaats waar binnen het chromosoom bepaalde
eigenschappen zitten. Bijvoorbeeld als men wil bepalen welk
deel van het chromosoom de informatie "wollen haargroei"
bevat, dan kan men dat lezen op de genetische kaart van het
schaap. Dit kan men ook doen bij de koe voor de informatie
"korte haargroei". Als beide eigenschappen via de genetische
kaart gelokaliseerd zijn kan het manipuleren beginnen. Men begint met het knippen van de informatie "korte
haargroei" uit het DNA van de koe. Dit gebeurt met een
specifiek nuclease restrictie enzym. Restrictie enzymen
kunnen alleen bepaalde stukken DNA knippen. Het is daarom
van belang dat je het juiste restrictie enzym kiest voor de
juiste knipplaats. Dit zelfde doet men voor het stuk DNA van
het schaap. Men knipt met behulp van restrictie enzymen het
stuk informatie "wollen haargroei" uit de rest van het
DNA. Het DNA is nu geknipt. We hebben van zowel de koe als het
schaap nu twee stukken DNA. Het is nu van belang dat we het
juiste stuk DNA van de koe (het deel wat niet "korte haar
groei" bevat) en het juiste deel van het DNA van het schaap
(het deel dat "wolle haargroei" bevat) bewaren. Je kunt je
voorstellen dat elk geknipte stuk DNA verschillend in lengte
is en dus ook verschillend in gewicht en verschillend in
lading. Door al het DNA in een gel te stoppen en over deze
gel een stroom te laten lopen, worden de verschillende
stukken DNA gescheiden. Je ziet dan dat het grootste stuk
DNA onder in de gel is gezakt en het kleinste deel wat hoger
in de gel zit (zie figuur 1). De gewenste stukjes DNA kunnen
nu uit het gel gesneden worden en bij elkaar gevoegd. figuur 1 Nu het DNA van het schaap (het gedeelte met "wolle
haargroei") samengevoegd is met het DNA van de koe ( het
hele DNA behalve het gedeelte "korte haar groei"), moeten de
DNA stukken nog geplakt worden. Het plakken van het DNA wordt gedaan met behulp van het
ligase enzym. Dit enzym wordt toegevoegd., en gaat dan uit
zichzelf DNA plakken. Men heeft nu het DNA gemaakt voor een
koe met schapenwol, men heeft een genetische
manipulatieuitgevoerd. Deze tekst is bedoeld als basis voor een discussie over
genetische manipulatie. De tekst bevat basis informatie over
genetische manipulatie. Het geeft een beeld van wat
genetische manipulatie nu eigenlijk is en hoe men tijdens
een manipulatie te werk gaat. Aan het einde van de tekst
staan discussie vragen. Met behulp van deze vragen maakt de
leerling voor zichzelf een beeld van wat hij of zij nu zelf
vind van genetische manipulatie. Het is daarom van groot
belang dat de leerling eerst zelf de discussie vragen gaat
beantwoorden. Hierna kan de leraar de discussie openen en de
leerlingen vragen om de antwoorden die zij gegeven hebben op
de discussie vragen, te geven en te beargumenteren.
Vervolgens moet de rest van de klas, de ruimte krijgen om
hierop te kunnen reageren. Voor vragen of opmerkingen mail: Felicia
Boiten
Inhoud
Inleiding
Het principe van DNA
Het principe van genetische
manipulatie
Hoe kan men een koe met
schapenwol maken?
DNA analyse
DNA knippen
DNA scheiden
DNA plakken
Discussie
vragen
Uitleg voor
leraren
